Onbeantwoord.
Een apofatisch atelier over verlating.

19 en 20 februari 2027.
Woudschoten Conferentiecentrum, Zeist.
Voor mensen met interesse in apofatisch onderzoek naar verlating.
Begeleid door Inge van Nistelrooij, Mariëlle Schuurman en Merel Visse.

In Nested Tensions in Care, citeerden we deze passage van Gaston Bachelard, The Poetics of Space:

Zachtjes til ik een tak op. In het nest zit een broedende vogel. Maar hij vliegt niet weg, hij beeft alleen even. Ik beef omdat ik hem heb doen beven. Ik ben bang dat deze broedende vogel zal merken dat ik een mens ben, een wezen dat het vertrouwen van vogels heeft verloren. Ik blijf roerloos staan. Langzaam bedaren de angst van de vogel en mijn eigen angst om angst aan te jagen — of dat verbeeld ik mij. Ik haal weer rustig adem, en laat de tak los. Ik kom morgen terug. Vandaag ben ik gelukkig, want er hebben vogels een nest gebouwd in mijn tuin.

Zorgen is het tegenovergestelde van iemand aan zijn lot overlaten. Het betekent: er echt voor iemand zijn, blijven, en aanvoelen wat diegene nodig heeft. In dit verhaal zie je dat terug in het broeden van de vogel, de voorzichtige manier waarop de onverwachte ontmoeting verloopt, en de vreugde om een tuin waarin nieuw leven ontstaat, veilig in een nest.

Hoewel er niemand wordt verlaten, staat verlating toch midden in dit verhaal, alleen aan de andere kant. Mensen zijn wezens die het vertrouwen van vogels hebben verloren. Niet vogels die wegvliegen, maar mensen die zichzelf buiten de kring van vertrouwen hebben gezet en dat wéten. De verlating hebben wij aangericht. Wij dragen dat mee. Het overkomt ons niet.

Tijdens dit atelier kijken we naar verlating en ervaringen die daarbij horen, zoals vervreemding, terugtrekken en ontkennen. Want deze ervaringen, het tegendeel van zorgen, breken iets open, brengen iets onverwachts en onvoorziens teweeg. Waar een zorgvraag niet makkelijk te beantwoorden is, voelen we ons vaak zoekend, vragend. Ook onze eigen vragen blijven dan onbeantwoord en we missen houvast. En precies hier kan ook ruimte worden gemaakt voor nieuwe perspectieven. Daarnaar gaan we op zoek: zoekend en makend ontdekken en transformeren we. We doen dat via de zes bewegingen van apofatisch werken die bij Gloed centraal staan:

~ Bevreemd raken. Begin bij wat je niet loslaat en maak het vreemd.
~ Beweeg dichterbij via een noncept. Iets wat benoemt zonder te vatten, wat meer belooft dan het waarmaakt, wat wegwijkt zodra je het wilt vastpakken.
~ Al makend reflecteren. Maak: papier, doek, krantenknipsels, kook, klei, kleur, een performance, een installatie van gevonden dingen. Laat handen en lichaam voorgaan. Luister.
~ Meander. In apofasis is indirect meer direct. Kijk niet te recht naar wat zich ontvouwt; dat helpt je te "ontkennen" wat je al meent te weten en open te blijven.
~ Kwaliteiten. Reflecteer op esthetische en apofatische kwaliteiten die opkomen — niet goed of slecht, mooi of lelijk, maar boor een heel ander register aan. We begeleiden je.
~ Opnieuw openen. Hoe je je queeste en wat zich ontvouwt levend overdraagt. Multimodaal werkt vaak: verhaal, poëtische vignette, beeld, video-essay.

Deze apofatische bewegingen zijn gestoeld op het Engelstalige werk van Merel, waaronder het artikel met de titel Sometimes, Indirect is More Direct, dat we ook tijdens de tweedaagse bespreken, en dat sindsdien samen met anderen wordt doorontwikkeld tot een unieke methode voor (zelf)onderzoek.

Je oefent met:
  • waar de taal vreemd wordt
  • waar verlatenheid een beeld opent
  • waar je weerstand opkomt
  • wordt omgevormd
  • zodat iets in je werk of project stilletjes antwoord geeft
  • en welke ervaring, zin of idee dan blijft hangen.




home | Gloed, 2026 | Top